VORIGE WEEK VOLGENDE WEEK
Des morgens ben ik met de vrouw en Theda naar de kerk te Lippenhuizen geweest. Aaltje is naar Jan W. van der Sluis gegaan om daar als bruidszuster te ageren. Wobbe en de vrouw zijn naar G.W. Bruinsma.
17
Des morgens om 10 uur Raadsvergadering te B.zwaag, hetwelk heeft geduurd tot 2 uur, waarna ik om 4 uur ben te huis gekomen en na gegeten te hebben naar het hooiland op de Kerkewijk gegaan, waar wij des avonds een klein gedeelte van hebben binnen gehaald, alsmede ongeveer één voer van de Takkewijk.
Des avonds heb ik ontvangen van L.J. van Leer voor een gust schaap f 19=. Wobbe en Aaltje hebben Geeske met de kinderen van Akkrum gehaald.
18
Des morgens heerlijk weder en warm. Nadat ik eerst het land rond ben geweest en het volk met het hooi op de Kerkewijk was begonnen, ben ik om 11½ uur met Pier naar B.zwaag gereden om te stemmen, 5 leden voor de Gemeenteraad en 1 voor de Provinciale Staten.
19
Des morgens ben ik naar het land geweest en alles goed in orde gevonden. Om 12 uur ben ik naar Gordijk gereden, en Broeder Pier mede alsook Meek, later gekomen. Nadat ik eenige boodschappen had gedaan, ben ik met E.S.P. naar de molen gegaan om wat te eten. Om 3 uur zijn Koopmans en Meek ook daar gekomen, en nadat wij een kopje thee hadden gedronken, is Mintje met de Diligence gekomen, waarna wij te zamen naar het Molenplein zijn gegaan en ± 8 uur naar huis gereden.
20
Om 5 uur zijn Pier en ik met Suardus en Janke naar H.veen gereden en vervolgens met de spoortrein naar Leeuwarden, waar afrekening was van de Commissarissen van de Compagnons van Decama, Cuick en Foeits veenen etc., waar echter zeer weinig is behandeld van aanbelang. Later hebben wij met F. de Jong de rekening van de kunstwegen in Tietjerksteradeel en de wijk in Opeinde voorlopig opgemaakt. Te H.veen hebben wij bij Van Voorst de koopacte van het veen in de Compagnie geteekend.
21
Des morgens ben ik naar het land geweest en heb alles eens rond geweest en toen was het weder vrij goed. Namiddag ben ik met de vrouw, Geeske, Mintje, Aaltje en Theda naar B.zwaag en hebben daar het Museum van den Heer Lycklama bezien en later bij Bijlsma een kopje thee gedronken.

Gouden dodenmasker 1e-3e eeuw uit Sidon,
een pronkstuk in de collectie van het museum,
nu in het museum van Cannes
Des morgens naar B.zwaag geweest om een toeziend voogd te benoemen voor de minderjarige kinderen van C. Rinsema, waar mede waren Jan Wibbelink, L. Wiering en Thaeke Rinsema, zijnde de laatstgenoemde gekozen en is Jan L. Bosma benoemd als deskundige om de inventaris op te maken.
Naar top